Anything goes

Podcasttegel Niemandsland

Mijn oma had niets of niemand nodig om stemmen te horen: in haar hoofd speelde vanzelf al een podcast af. Haar hersenen namen informatie uit de buitenwereld op, maar het eiwit sloeg verkeerde bruggetjes tussen de neuronen. Zo kregen de signalen een onverwachte betekenis, anders dan bij anderen. Door de spanning verknoopten de verbindingen zich steeds strakker tot een dik net, te dicht om een weg naar buiten te vinden. 

Naast dat je erfelijk belast kan zijn met aanleg voor zo’n schizofrene stoornis, kan een psychose iedereen overkomen. Ik wil geen angst zaaien, maar uitzoeken hoe psychosegevoelig je bent kan helaas niet. Het enige wat je in de hand hebt is je sociale vangnet, en het beperken van je drank- of drugsgebruik. Als je dan knapt, vangt je omgeving de signalen hopelijk op. Het kan je non-verbaal of grof gebekt maken, met opvallende tics of juist katatonisch. Doordat ik als kind mijn zondagen met oma’s tehuis-genoten boven een schaakbord doorbracht, weet ik hoe ‘verward’ eruitziet. Na haar overlijden begon ik aan de betrouwbaarheid van mijn eigen psyche te twijfelen. Inmiddels was ik zo oud als mijn oma was toen ze de grip verloor, waarom zou mij niet hetzelfde gebeuren? 

Verhalen over geestesziekte krijgen al snel een ramp-toeristische lading, zeker in de true-crime-minnende podcastwereld. Ik wil niet huiveren om misdaadverhalen, ik ben op zoek naar de beleving van verwarde mensen. Zo kom ik op de podcast Niemandsland. Journalisten Elsbeth Stoker en Dija Kabba onderzoeken in deze zesdelige serie van de Volkskrant hoe het Nederlandse zorgsysteem er niet in slaagt mensen met psychiatrische problemen te beschermen. Het onderzoek stoelt op een misdaadverhaal, de moord op de 25-jarige Rens door zijn psychotische buurman Tolga. Toch is het geen sensatiebeluste true-crime. De serie heeft eerder deze week de Dutch Podcast Award voor Journalistiek gewonnen. 

Door een onheilspellende bastoon speelt gefragmenteerde tekst over antipsychotica en brandofferrituelen. Ik begrijp dat de makers de aandacht moeten vangen, maar deze intro-tune klinkt wel heel onheilspellend. Dan een flink contrast: theekopjes, een koektrommel. De ouders van Rens klinken als het soort mensen waardoor het gezin ‘de hoeksteen van de samenleving’ wordt genoemd. Terwijl ze aan hun zoon terugdenken, siddert het verdriet in hun ademhaling door. 

Voor dit soort gevoelige verhalen is de podcast een geschikt medium. Gezichten blijven buiten beeld, er is geen zwart balkje of blur nodig om iemands identiteit te beschermen. Audio biedt een semi-anonimiteit die doet denken aan praattherapie, of het halftransparante gaas in een biechthokje. Makers werken samen met de verbeeldingskracht van de luisteraar. Het weglaten van beeld legt daardoor de nadruk op wat, en vooral op hoe er verteld wordt. 

Zo hoor je bij de verschillende sprekers op de achtergrond huis-, tuin- en keukengerommel. De omgeving van Tolga’s broer klinkt daarentegen leeg. Hij legt zorgvuldig uit hoe zijn ouders met de zorg voor zijn broer worstelden. Met steeds meer moeite perst hij eruit hoe hun hoeksteen-gezin door tekort aan hulp langzaam erodeerde. Later blijkt waarom hij geïsoleerd klinkt, de citaten zijn ingesproken door een acteur; voor de echte verteller biedt de semi-anonimiteit onvoldoende bescherming. 

Kabba vraagt zich hardop af of ze in dit gesprek te veel hebben gevraagd. In Open/Eind, een podcastserie van het Algemeen Dagblad over een onopgeloste vermissing, legt ze haar collega Iris van den Boom hetzelfde dilemma voor. Ze eist reflectie op hun positie als journalisten, en begint zo hun meta-onderzoek naar de aantrekkingskracht van true-crime-verhalen. Wat blijkt: informatie over misdaad geeft een gevoel van controle. ‘Ik weet hoe het zover kwam, dus mij gebeurt zoiets niet’. Deze drogrede, kenmerkend voor dit genre, houdt zowel de dader als het slachtoffer op afstand. Er is zo geen oog voor de omstandigheden waarin de ellende überhaupt tot stand kon komen. 

Ook Stoker reflecteert op haar rol als maker, maar Niemandsland heeft verder vooral een beleid-kritische grondslag. Na de moordzaak wordt de recente geschiedenis van het Nederlandse zorgstelsel er op hoog tempo doorheen gepompt. Het gaat over zorginkopers, groeicijfers van juridische teams. Ook sociaal werkers van Traject Levensloop denken terug aan de idealen van de ‘Ambulantisering’ van de geestelijke gezondheidszorg. Ooit waren ze enthousiast over het plan om patiënten te integreren in de wijk, maar inmiddels verdenken ze het ‘Beter word je thuis’-beleid ervan een verkapte bezuiniging te zijn.

Er is namelijk niet gerekend op het woningtekort dat zich ook laat gelden bij wie begeleiding nodig heeft. Het aantal beschikbare ‘noodbedden’ is sinds 2012 drastisch afgebouwd, waardoor het vinden van één veilige nacht inmiddels tot een bureaucratische nachtmerrie leidt. “En dan moet je zo’n jongen vertellen dat ie dakloos wordt”, verzucht een begeleider door een zoemende stroom WhatsApp-berichtjes. Ook bij ouders van psychiatrisch patiënten trillen de stemmen van frustratie. Van de 500 Levensloop-Traject-volgers zit een derde zonder zo’n ‘thuis’ om beter in te worden. 

Maar hoe is het dan om verward te zijn? Jeroen is ervaringsdeskundige en geeft voorlichting over de omgang met verwarde personen. Met een heldere stem vertelt hij over zijn psychoses alsof hij aan een wilde uitgaansavond terugdenkt. Nonchalant beschrijft hij de logica van een ‘gescripte werkelijkheid’ waarin zijn angsten door hallucinaties werden belichaamd. Zijn relativerende houding ken ik van mijn vroegere schaak-opponenten. Als iedereen gek is, is niemand raar. ‘Anything goes’. Zijn verhaal stelt gerust. Zo’n keurig klinkende man kan zijn grip op de werkelijkheid verliezen maar dit met de juiste hulp ook weer herpakken. 

Door de grens tussen dader- en slachtofferschap te bevragen, biedt Niemandsland  een volledig beeld van de knelpunten binnen ‘het systeem’. Het afronden van zo’n veelomvattend verhaal is een uitdaging. Stoker doet hier een beroep op de luisteraar: ‘Ik hoop dat je vanaf nu geen blokje om loopt wanneer er een verward persoon op je pad komt.’ Ze stelt de hypothetische vraag of ‘je eerder een helpende hand zou bieden als je op de zorg kon vertrouwen.’. Wie is ‘je’ eigenlijk? Ik struikel snoeihard over deze scheidingslijn tussen geestelijk ziek of gezond. Dit wij-zij-denken doet af aan de nuances van de verhalen waarmee de serie juist zo’n volledig beeld vormt. De psychiatrische patiënt blijft nu ‘de ander’, waardoor de serie op de valreep niet de emancipatie bereikt die erin wordt bepleit. 

Het is een ijdele gedachte dat ‘je’ als geestelijk gezonde luisteraar vanzelfsprekend de aanbieder van hulp bent, en zelf nooit afhankelijk van psychiatrische zorg kan worden. Dat is namelijk wat ik van mijn oma heb geleerd: ‘Anything goes’. Een medemenselijke benadering van wie afwijkt van de psychiatrische gezondheidsnorm, met de kennis dat we allemaal prima in staat zijn om zelf zo’n verward persoon te worden. 

Hannah van Buchem is een van de deelnemers aan Van A, naar B, naar Podcast, twee schrijflabs ontwikkeld door Domein voor Kunstkritiek en Podcastnetwerk om een gegronde kritiek voor podcasts en audioverhalen te stimuleren. Mediapartner is De Groene Amsterdammer, host is ILFU, presentatiepartner is OORZAKEN Festival. De schrijflabs worden financieel mede mogelijk gemaakt door de Gemeente Utrecht en het K.F. Hein Fonds. Lees ook de andere teksten van de deelnemers op de website van De Groene Amsterdammer en in dit dossier.